Citaat | Hoge Raad 27 april 1955

Alinea 19 Hoge Raad 27 april 1955

Een alinea uit Hoge Raad 27 april 1955, ECLI:NL:HR:1955:AY2476.

Overwegende dat belanghebbende in cassatie aanvoert, dat de Raad van Beroep ten onrechte heeft beslist, dat er sprake is van een (nieuw) feit in den zin van artikel 1 der Zevende Uitvoeringsbeschikking Inkomstenbelasting 1941, hoewel uit hetgeen blijkens de uitspraak van den Raad in de processtukken en tijdens de zitting van den Raad naar voren is gebracht, blijkt, dat de tot de navordering aanleiding gevende feiten reeds bekend hadden kunnen zijn bij het opleggen van den primitieven aanslag;

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/beb2bede0f6077cfc1ef226b146bbbf8a386573da0b2ae4b7649ba77d31c6188. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt beb2bede0f6077cfc1ef226b146bbbf8a386573da0b2ae4b7649ba77d31c6188, en de alinea staat in dat document op bytes 8167 tot 8677.