Citaat | Hoge Raad 19 juni 1956
Alinea 23 Hoge Raad 19 juni 1956
Een alinea uit Hoge Raad 19 juni 1956, ECLI:NL:HR:1956:49.
dat het Hof het opzettelijk niet voldoen door requirante aan de vordering namens de Commissie voor Oorlogspleegkinderen, waarbij uitdrukkelijk de afgifte van [minderjarige] was gevorderd, aanmerkende als het opzettelijk onttrekken van dat meisje aan het wettig over haar gesteld gezag, kennelijk heeft geoordeeld, dat die niet-voldoening geenszins haar grond vond in de onmogelijkheid voor requirante om op het ogenblik der vordering de minderjarige aanstonds af te geven zulks in verband met derzelver afwezigheid op dat tijdstip, doch veeleer in de volstrekte weigerachtigheid van requirante om het kind ter beschikking van de meerbedoelde Commissie te stellen en in haar streven om het meisje buiten bereik van het wettig over haar gesteld gezag te houden ;
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/eaba58ccf4b72a4d7f431def00d9b674fcea3732b53e9c0dec237ae66c91334b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt eaba58ccf4b72a4d7f431def00d9b674fcea3732b53e9c0dec237ae66c91334b, en de alinea staat in dat document op bytes 14520 tot 15293.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/eaba58ccf4b72a4d7f431def00d9b674fcea3732b53e9c0dec237ae66c91334b | shasum -a 256