Citaat | Hoge Raad 13 mei 1958
Alinea 127 Hoge Raad 13 mei 1958
Een alinea uit Hoge Raad 13 mei 1958, ECLI:NL:HR:1958:72.
Toen wij van de reis terugkwamen stonden [betrokkene 1] en [betrokkene 2] aan het station in [plaats] . [medeverdachte] is bij hen blijven staan en heeft met hen gesproken. In de avond van 25 Augustus 1956 ben ik met [medeverdachte] , [betrokkene 2] en [betrokkene 1] in het café [A] in [plaats] geweest.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e18ecf7390ee225f0c040672cc426f739e3fbd98744d984f3a69c8d30854cb77. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e18ecf7390ee225f0c040672cc426f739e3fbd98744d984f3a69c8d30854cb77, en de alinea staat in dat document op bytes 49336 tot 49654.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e18ecf7390ee225f0c040672cc426f739e3fbd98744d984f3a69c8d30854cb77 | shasum -a 256