Citaat | Hoge Raad 13 mei 1958
Alinea 130 Hoge Raad 13 mei 1958
Een alinea uit Hoge Raad 13 mei 1958, ECLI:NL:HR:1958:72.
"In de laatste week van Juni 1956 ben ik in de garage [slachtoffer] te [plaats] geweest, waar behalve de verdachten ook [betrokkene 1] aanwezig was. [slachtoffer] zelf was afwezig. Er is toen over gesproken dat [slachtoffer] opgeruimd moest worden; dat plan kwam van verdachte [medeverdachte] . [requirante] heeft gezegd: "Ik wou dat mijn man dood was" en over de verhouding tot haar man is toen gezegd, dat hij haar te kort hield.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e18ecf7390ee225f0c040672cc426f739e3fbd98744d984f3a69c8d30854cb77. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e18ecf7390ee225f0c040672cc426f739e3fbd98744d984f3a69c8d30854cb77, en de alinea staat in dat document op bytes 50081 tot 50526.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e18ecf7390ee225f0c040672cc426f739e3fbd98744d984f3a69c8d30854cb77 | shasum -a 256