Citaat | Hoge Raad 13 mei 1958

Alinea 143 Hoge Raad 13 mei 1958

Een alinea uit Hoge Raad 13 mei 1958, ECLI:NL:HR:1958:72.

Des avonds heb ik in het plantsoen van [plaats] aan [medeverdachte] gezegd, dat wij, [betrokkene 2] en ik, de moord samen zouden plegen. Hij zei, dat hij met [requirante] van 21 tot 24 Augustus 1956 op reis zou gaan naar Königswinter en afgesproken werd dat het in die tijd en wel op Donderdag 23 Augustus zou gebeuren; wij zouden tevoren de sleutel van het huis van [slachtoffer] krijgen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e18ecf7390ee225f0c040672cc426f739e3fbd98744d984f3a69c8d30854cb77. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e18ecf7390ee225f0c040672cc426f739e3fbd98744d984f3a69c8d30854cb77, en de alinea staat in dat document op bytes 55928 tot 56331.