Citaat | Hoge Raad 9 december 1960
Alinea 39 Hoge Raad 9 december 1960
Een alinea uit Hoge Raad 9 december 1960, ECLI:NL:HR:1960:166.
‘’“Ik ben tevens van oordeel, dat hij in die dagen in een zodanige mate ontoerekenbaar was, dat wanneer hij b.v. een huis in brand had gestoken, hij niet besefte, dat hij daarmede kwaad deed. Ik ben derhalve ook van mening, dat, toen [verweerder 2e] op 28 maart 1954 de auto van een ander wegnam, en daarmede ging rijden, hij niet kon beseffen, dat hij daarmede iets verkeerds deed. Op de vraag van Mr. Houben of [verweerder 2e] indertijd heeft gehandeld onder invloed van een onweerstaanbare psychische dwang, antwoord ik, dat naar mijn mening op een dergelijke vraag nooit met 100% zekerheid bevestigend kan worden geantwoord, maar dat naar mijn vaste overtuiging [verweerder 2e] , toen hij de auto wegnam en daarmede ging rijden, handelde onder een psychische dwang, waaraan hij geen weerstand kon bieden.”’’
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/01a151b9a9be3ca1900033d1023cf71aab16cd7d97d36695fb839b8c00b12d43. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 01a151b9a9be3ca1900033d1023cf71aab16cd7d97d36695fb839b8c00b12d43, en de alinea staat in dat document op bytes 12745 tot 13581.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/01a151b9a9be3ca1900033d1023cf71aab16cd7d97d36695fb839b8c00b12d43 | shasum -a 256