Citaat | Hoge Raad 4 januari 1963

Alinea 39 Hoge Raad 4 januari 1963

Een alinea uit Hoge Raad 4 januari 1963, ECLI:NL:HR:1963:48.

5. dat tussen partijen vaststaat, dat Kenter in januari 1962, toen hij met ontruiming krachtens een door voornoemde President tussen N.D.S.M. en Kenter in kort geding gewezen vonnis werd bedreigd, niet voor zich en zijn gezin de beschikking over een andere woonruimte had en dat Burgemeester en Wethouders van de gemeente Landsmeer aan hem wel een vergunning tot bewoning van een perceel in de Stentorstraat aldaar hadden gegeven, doch deze vergunning niet heeft kunnen bewerkstelligen, dat laatstbedoeld perceel aan Kenter ter beschikking werd gesteld;

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/40de81f0970992a18c959c7021789c2d2be9a43244a1c4b355ba4c28685b88c7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 40de81f0970992a18c959c7021789c2d2be9a43244a1c4b355ba4c28685b88c7, en de alinea staat in dat document op bytes 24299 tot 24866.