Citaat | Hoge Raad 18 juni 1965

Alinea 28 Hoge Raad 18 juni 1965

Een alinea uit Hoge Raad 18 juni 1965, ECLI:NL:HR:1965:AC4581.

dat op grond van de waarneming van de Rechtbank en de desbetreffende verklaringen van de getuigen [getuige 1] , [getuige 2] , [getuige 3] , [getuige 4] , [getuige 5] en [getuige 6] is komen vast te staan dat in [woonplaats] de eigenaren of gebruikers van een onroerend goed dat grenst aan een hen niet in eigendom toebehorend openbaar vaarwater, over de gehele lengte van hun oever vaartuigen dienende tot exploitatie van een botenverhuurinrichting en rondvaartbedrijf, meren en laten stilliggen in dat vaarwater;

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8a2e9fe01dea224d12d3a18e121dfadecd04e243e7376cab96da5390b111501b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8a2e9fe01dea224d12d3a18e121dfadecd04e243e7376cab96da5390b111501b, en de alinea staat in dat document op bytes 12062 tot 12589.