Citaat | Hoge Raad 18 juni 1965
Alinea 48 Hoge Raad 18 juni 1965
Een alinea uit Hoge Raad 18 juni 1965, ECLI:NL:HR:1965:AC4581.
16. ‘’ dat dan ook deze laatste verklaringen niet kunnen bijdragen tot het bewijs van het te bewijzen gebruik, zoals evenmin het geval is met de verklaringen der verder gehoorde getuigen, terwijl zonder zodanig gebruik de wijze, waarop [eiser] de [a-gracht] voor zijn bedrijf wenst te benutten, niet als gewoon vaarwater is aan te merken;
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8a2e9fe01dea224d12d3a18e121dfadecd04e243e7376cab96da5390b111501b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8a2e9fe01dea224d12d3a18e121dfadecd04e243e7376cab96da5390b111501b, en de alinea staat in dat document op bytes 20146 tot 20502.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/8a2e9fe01dea224d12d3a18e121dfadecd04e243e7376cab96da5390b111501b | shasum -a 256