Citaat | Hoge Raad 17 november 1967
Alinea 54 Hoge Raad 17 november 1967
Een alinea uit Hoge Raad 17 november 1967, ECLI:NL:HR:1967:AC4789.
4. dat bedoelde onrechtmatige daad volgens [verweerder] hierin zou hebben bestaan dat [eiser] zou hebben bevorderd en uitgelokt een hem door wijlen [betrokkene 2] gedane schenking, of althans welbewust van die schenking zou hebben geprofiteerd, zulks ofschoon [betrokkene 2] (op [geboortedatum] 1877 geboren) in juli 1963 hoogbejaard was en alleen op de wereld stond, en ofschoon [eiser] — een achterneef van [betrokkene 2] , die haar vermogen beheerde en executeur-testamentair van haar nalatenschap is — wist dat, door de schenking in kwestie te doen, [betrokkene 2] inbreuk maakte op een aan [verweerder] verleende optie om het onroerend goed te kopen;
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/94c83916f3a092de74b93b0c0117289ded5dcada518e5188b5897ad9a9c4f9c0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 94c83916f3a092de74b93b0c0117289ded5dcada518e5188b5897ad9a9c4f9c0, en de alinea staat in dat document op bytes 15030 tot 15703.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/94c83916f3a092de74b93b0c0117289ded5dcada518e5188b5897ad9a9c4f9c0 | shasum -a 256