Citaat | Hoge Raad 27 december 1967

Alinea 21 Hoge Raad 27 december 1967

Een alinea uit Hoge Raad 27 december 1967, ECLI:NL:HR:1967:AX6049.

In het jaar 1961, op of omstreeks het tijdstip van de totstandkoming van [A] N.V., werden door ieder van de oprichters aan haar overgedragen nominaal f 56.000, -- aandelen [B] N.V. van de f 58.000, -- nominaal, die zij ieder op dat ogenblik bezaten. Zij behielden dus ieder 2 aandelen van f 1.000, --. De overdracht geschiedde tegen een tegenprestatie voor ieder groot f 560.000, -- , welk bedrag door [A] N.V. aan ieder hunner schuldig werd gebleven. In het jaar 1962, na de laatste schenking van aandelen [B] N.V., werden door ieder van de kinderen [X] nog nominaal f 18.500, -- aandelen [B] N.V. overgedragen aan [A] N.V., ditmaal tegen een tegenprestatie van f 231.250, -- aan ieder van hen, welke bedragen eveneens door [A] N.V. aan hen schuldig werden gebleven. De kinderen behielden dus van de hun het laatst geschonken aandelen [B] N.V. ieder 1 aandeel van f 1.000, --. Voormelde schulden van [A] N.V. waren te allen tijde opeisbaar. Voorts werd overeengekomen, dat de schulden een rente zouden dragen van 4% per jaar over het nog niet afgeloste gedeelte daarvan. De bezittingen van [A] N.V. bestonden daarna vrijwel uitsluitend uit de aan haar overgedragen aandelen [B] N.V., waarop zij dividend ontving, waar tegenover stond de schuld aan de kinderen [X] , waarover rente werd betaald. Ter zake van de ontvangen dividenden kon zij voor de vennootschapsbelasting een beroep doen op de deelnemingsvrijstelling (artikel 10 van het Besluit op de Vennootschapsbelasting 1942).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/556dc0903bc1608c1cac7016c745424ffe23973fd339d386e53a5dff35f693b5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 556dc0903bc1608c1cac7016c745424ffe23973fd339d386e53a5dff35f693b5, en de alinea staat in dat document op bytes 8527 tot 10021.