Citaat | Hoge Raad 27 december 1967
Alinea 36 Hoge Raad 27 december 1967
Een alinea uit Hoge Raad 27 december 1967, ECLI:NL:HR:1967:AX6049.
""dat het doel, de strekking en de systematiek van de wetgeving betreffende de inkomstenbelasting - zijnde een directe belasting - medebrengen dat een aandeelhouder-privé- persoon, zolang hij de beschikking houdt over zijn aandeelhoudersrechten, de als gevolg van die rechten betaalbaar gestelde dividenden en boven het gestorte kapitaal uitgaande liquidatieuitkeringen tot zijn inkomsten behoort te rekenen; dat ook de hierboven genoemde natuurlijke personen, in het geval dat de oprichting van [A] N.V. en/of de overdracht van aandelen aan [A] N.V. niet zou hebben plaatsgevonden, de in 1961 en volgende jaren door de naamloze vennootschap aan [A] N.V. uitgekeerde dividenden ieder voor een/vierde gedeelte zouden hebben zien toevloeien aan hun zuiver inkomen, waarover inkomstenbelasting moest worden geheven naar het progressieve tabeltarief;
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/556dc0903bc1608c1cac7016c745424ffe23973fd339d386e53a5dff35f693b5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 556dc0903bc1608c1cac7016c745424ffe23973fd339d386e53a5dff35f693b5, en de alinea staat in dat document op bytes 16503 tot 17363.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/556dc0903bc1608c1cac7016c745424ffe23973fd339d386e53a5dff35f693b5 | shasum -a 256