Citaat | Hoge Raad 27 december 1967
Alinea 80 Hoge Raad 27 december 1967
Een alinea uit Hoge Raad 27 december 1967, ECLI:NL:HR:1967:AX6049.
Al kan worden toegegeven, dat bedoelde ontwikkeling die toepassing in de meeste gevallen haar belang heeft ontnomen, de stelling dat dit in alle denkbare situaties zou gelden lijkt in haar algemeenheid onjuist. Met name in casu is dit belang nog even groot als het 40 jaar geleden zou zijn geweest. Mede in verband met het in de toelichting in het beroepschrift Ad Ib betoogde valt hier hoofdzakelijk de aandacht op de aanwezigheid der bepalingen inzake aanmerkelijk-belangwinst. Het onder de Wet op de Inkomstenbelasting 1914 geldende standpunt, dat al hetgeen een aandeelhouder van zijn naamloze vennootschap ontvangt boven het gestorte kapitaal opbrengst van het aandeel is, is in de opzet van het Besluit op de Inkomstenbelasting 1941 gehandhaafd en in betekenis vergroot door artikel 31, (1), 2º, van dat Besluit: paragraaf 36, (16), van de toelichting en leidraad bij dat Besluit. Ook de Wet op de inkomstenbelasting 1964 huldigt dit standpunt.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/556dc0903bc1608c1cac7016c745424ffe23973fd339d386e53a5dff35f693b5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 556dc0903bc1608c1cac7016c745424ffe23973fd339d386e53a5dff35f693b5, en de alinea staat in dat document op bytes 43058 tot 44022.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/556dc0903bc1608c1cac7016c745424ffe23973fd339d386e53a5dff35f693b5 | shasum -a 256