Citaat | Hoge Raad 27 december 1967

Alinea 88 Hoge Raad 27 december 1967

Een alinea uit Hoge Raad 27 december 1967, ECLI:NL:HR:1967:AX6049.

Hoezeer wordt uitgegaan van een buiten de inkomenssfeer liggen van aandelentransacties met derden, hoezeer op dit uitgangspunt bepaalde uitzonderingen zijn gecreëerd en hoezeer die uitzonderingen in het inkomen bedragen betrekken, die indirect een zekere samenhang vertonen met de door winstreservering ontstane aandelenwaardeaanwas, zij beogen geenszins een uitputtende, limitatieve regeling tot stand te brengen ten aanzien van belastingverijdelingsmethoden. Veeleer trachten zij een dam op te werpen tegen die voor de hand liggende uitwijkmogelijkheden, waartoe het ontbreken van de regeling als het ware zou uitnodigen en waarbij de richtige heffingsbepalingen in het algemeen tekortschieten. Het gaat daar om situaties welke een bijzonder fiscaal regime noodzakelijk maken en waarin overigens veelal ook de aanwezigheid van een anti-fiscaal oogmerk moeilijk kan worden bewezen. Een en ander kan dan ook geenszins impliceren dat deze regeling de mogelijkheid om in situaties, waarin zij geen werking uitoefent, terwijl een anti-fiscaal oogmerk gemakkelijk bewijsbaar is, de richtige-heffingsbepalingen te hanteren zou afsnijden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/556dc0903bc1608c1cac7016c745424ffe23973fd339d386e53a5dff35f693b5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 556dc0903bc1608c1cac7016c745424ffe23973fd339d386e53a5dff35f693b5, en de alinea staat in dat document op bytes 47848 tot 48994.