Citaat | Hoge Raad 19 januari 1968
Alinea 46 Hoge Raad 19 januari 1968
Een alinea uit Hoge Raad 19 januari 1968, ECLI:NL:HR:1968:AB5254.
"[eiser] betoogt dat [verweerder] genoegen heeft genomen met het door [A] ondertekende cognossement, omdat [verweerder] met [A] een bevrachtingsovereenkomst had gesloten, waarin [A] optrad als vervrachter. [verweerder] heeft dit laatste ontkend; in het door [eiser] bij akte in het geding gebrachte geschrift staat niet [verweerder] als wederpartij van [A] vermeld. Hoe dit zij, al zou [A] de Favoriet aan [verweerder] hebben vervracht, dan sluit zulks niet uit dat niettemin [verweerder] [A] als agent van [eiser] heeft beschouwd. Het betoog van [eiser] kan hem dus niet baten.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/1ef6ccee4656fcde1190034c5f039b3605bc8be51c2c45ce3e4583cf2b91a5d5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 1ef6ccee4656fcde1190034c5f039b3605bc8be51c2c45ce3e4583cf2b91a5d5, en de alinea staat in dat document op bytes 20205 tot 20796.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/1ef6ccee4656fcde1190034c5f039b3605bc8be51c2c45ce3e4583cf2b91a5d5 | shasum -a 256