Citaat | Hoge Raad 19 juni 1968
Alinea 38 Hoge Raad 19 juni 1968
Een alinea uit Hoge Raad 19 juni 1968, ECLI:NL:HR:1968:AX5955.
Uit het voorgaande volgt dat requirant van cassatie zich ook met de door het Hof aan de parlementaire geschiedenis ontleende argumentatie niet kan verenigen. Uit de omstandigheid dat bij de totstandkoming van het artikel het ontgaan van belasting door middel van een schenking als in casu het geval is niet aan de orde is geweest, mag niet worden afgeleid dat deze vorm dus niet door de wettelijke fictie wordt getroffen. Die gevolgtrekking zou slechts gerechtvaardigd zijn indien de wetgever de mogelijkheden tot het doen van zodanige schenkingen zou hebben onderkend. Uit de parlementaire stukken blijkt daarvan echter niets.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cef4fe121504f2b9e9d3ac1637a6545d68ffedc3b28bda5a6c93408df7f3ed18. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cef4fe121504f2b9e9d3ac1637a6545d68ffedc3b28bda5a6c93408df7f3ed18, en de alinea staat in dat document op bytes 22608 tot 23248.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/cef4fe121504f2b9e9d3ac1637a6545d68ffedc3b28bda5a6c93408df7f3ed18 | shasum -a 256