Citaat | Hoge Raad 3 april 1968

Alinea 22 Hoge Raad 3 april 1968

Een alinea uit Hoge Raad 3 april 1968, ECLI:NL:HR:1968:AX5999.

De Inspecteur heeft ten onrechte de aan de Stichting geschonken vakantie-uitkering ad f 1.913,72 in belanghebbendes inkomen begrepen, aangezien deze uitkering niet door hem is genoten. Belanghebbende heeft de vakantie-uitkering niet ontvangen; er heeft tussen zijn werkgeefster en hem geen verrekening plaatsgevonden; de vakantie-uitkering is niet aan hem ter beschikking gesteld en zij is voor hem niet vorderbaar en inbaar geworden, omdat hij na de schenking van 14 mei 1965 - het beroepschrift vermeldt abusievelijk 15 mei 1965 - niets meer te vorderen had. Door bedoelde schenking heeft belanghebbende zich in een positie geplaatst, waarin hij de vakantie-uitkering niet meer kon genieten in de zin van artikel 33, eerste lid, van de Wet op de inkomstenbelasting 1964 (de Wet). Afgezien van artikel 27 van de Wet, waarin ten aanzien van de overdracht van bepaalde lopende inkomsten uit vermogen een bijzondere regeling is getroffen, levert de overdracht om niet van lopende inkomsten - in het onderhavige geval, van een lopende looninkomste - bij de schenker geen belastbaar inkomen op. Met betrekking tot de opbrengst van dienstbetrekking is nog een versterking van dit standpunt te vinden in artikel 2, eerste lid, van de Wet op de loonbelasting 1964. Volgens deze bepaling is ook werknemer de natuurlijke persoon, die van een inhoudingsplichtige loon geniet uit een bestaande dienstbetrekking van een ander. Zoals in de Memorie van Antwoord inzake het desbetreffende wetsontwerp, bladzijden 5 en 6, wordt opgemerkt, is ""met deze algemene formule beoogd ook het geval waarin een werkgever in verband met een bestaande dienstbetrekking een uitkering doet aan een derde - waarop slechts die derde en niet de werknemer aanspraak kan maken - onder de loonbelasting te brengen"". Afgezien van de cessie tot zekerheid leidt iedere andere looncessie ertoe, dat de werknemer zijn rechten op het gecedeerde loon heeft verloren. De werknemer staat in geen enkele rechtsbetrekkingen meer tot het gecedeerde loon. Na de cessie is er nog slechts een rechtsbetrekking tussen de werkgever en de derde; in beginsel is dan de uitkering bij de derde loon uit de bestaande dienstbetrekking van de cedent. De behandeling van de looncessie loopt dus parallel met de behandeling van overdracht van lopende vermogensinkomsten onder het Besluit op de Inkomstenbelasting 1941. De uitbetaling van het gecedeerde loon aan de Stichting betekent geen loon voor belanghebbende; deze is wel werknemer, maar hij geniet niet. Indien, zoals in het onderhavige geval, het gecedeerde loon geen inkomen vormt voor de schenker en de schenking aan een algemeen nut beogende instelling als gift in de zin van artikel 47 van de Wet wordt beschouwd, komt men voor het merkwaardige gevolg te staan, dat de schenker bij een marginaal tarief van meer dan 50 % per saldo voordeel geniet van deze schenking. Indien men een subjectief waardebegrip hanteert, is echter een andere oplossing zeer wel denkbaar. Gesteld kan immers worden, dat voor de toepassing van gemeld artikel 47 de waarde van het geschonkene - de vordering op de Hogeschool - bepaald moet worden op het offer, dat door de schenker is gebracht. In de opvatting van belanghebbende, dat over de geschonken vordering geen inkomstenbelasting verschuldigd is, is het offer niet groter dan de waarde van de vordering verminderd met de bespaarde inkomstenbelasting; de gift kan dan worden gewaardeerd op f 752,72, zodat de giften in totaal hebben bedragen f 752,72 plus f 730, -- andere giften is f 1.482,72. Belanghebbende is van oordeel, dat het belastbaar inkomen als volgt moet worden berekend:

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b06fb7eb453dd55d1fb1815193b8ee0098e10e8ff2556eb6548eff685df8aa4d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b06fb7eb453dd55d1fb1815193b8ee0098e10e8ff2556eb6548eff685df8aa4d, en de alinea staat in dat document op bytes 7352 tot 10983.