Citaat | Hoge Raad 4 februari 1970
Alinea 31 Hoge Raad 4 februari 1970
Een alinea uit Hoge Raad 4 februari 1970, ECLI:NL:HR:1970:AX5232.
dat ter gelegenheid van de pleidooien namens [X] acte is gevraagd van de navolgende verklaringen: "dat na de behandeling in eerste aanleg van de onderhavige zaak en zelfs na het nemen door partijen van haar conclusiën in hoger beroep zich een nieuw feit heeft voorgedaan dat [X] alsnog aan de feitelijke grondslag en van zijn eis meent te mogen toevoegen;
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/efda5be92059d3aa720b0101d1868292427be5fc4c244cdd89b611a8844c4a95. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt efda5be92059d3aa720b0101d1868292427be5fc4c244cdd89b611a8844c4a95, en de alinea staat in dat document op bytes 11477 tot 11846.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/efda5be92059d3aa720b0101d1868292427be5fc4c244cdd89b611a8844c4a95 | shasum -a 256