Citaat | Hoge Raad 21 april 1971
Alinea 69 Hoge Raad 21 april 1971
Een alinea uit Hoge Raad 21 april 1971, ECLI:NL:HR:1971:AX5014.
In de derde plaats is de door de Inspecteur aangehaalde uitspraak van het Gerechtshof te Arnhem B.N.B. 1960/252 in casu niet relevant. Het ging daarbij om een normaal lopend geval. Hier gaat het echter om een eerste aanslagregeling van de weduwe. Dat is veeleer van toepassing het arrest van 2 december 1925 (B.no. 3705) waarbij werd beslist dat navordering van inkomstenbelasting niet toegelaten is op grond van een feit, dat de Inspecteur vóór het opleggen van de aanslag bekend had kunnen zijn, indien hij niet verzuimd had zich de inlichtingen te verschaffen die zijn ambtgenoot in wiens inspectie de belastingplichtige in het vorige belastingjaar woonde, hem had kunnen verstrekken.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/472ac6d8125b2d3bb4a8b8bfeef740e9cbf100954c4716c14574ceec9a442196. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 472ac6d8125b2d3bb4a8b8bfeef740e9cbf100954c4716c14574ceec9a442196, en de alinea staat in dat document op bytes 23499 tot 24202.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/472ac6d8125b2d3bb4a8b8bfeef740e9cbf100954c4716c14574ceec9a442196 | shasum -a 256