Citaat | Hoge Raad 21 april 1971
Alinea 71 Hoge Raad 21 april 1971
Een alinea uit Hoge Raad 21 april 1971, ECLI:NL:HR:1971:AX5014.
Met de opvatting van het Hof, dat het verzoek ex artikel 39, lid 10, van de Wet op de inkomstenbelasting 1964 geen effect kon sorteren, omdat van een afrekening in casu geen sprake kan zijn, kan belanghebbende zich niet verenigen. Nergens is uit de tekst van artikel 39, lid 10, te lezen, dat het verzoek geen effect kan sorteren als het aandelen betreft in een niet binnen het Rijk gevestigde vennootschap waarvan de vervreemding voor een buitenlands belastingplichtige niet tot belastbare winst kon leiden. Ook Brüll bestrijdt in zijn artikel "Even afrekenen, heren!" in het boekje: Wat bijllich unn recht is - deze stelling niet. Integendeel: zijn in dit artikel gedane suggestie vloeit juist voort uit zijn overtuiging dat artikel 39, lid 10, die gevallen inderdaad wel bestrijkt. Voor wat betreft de inhoud van de brief van 20 januari 1967 moge het volgende dienen: Boven de brief van 20 januari 1967 staat als hoofd vermeld: Inzake: Verzoek om toepassing van artikel 39, lid 10, I.B. 1964. Volgens de tekst moet dit verzoek door de gezamenlijke belanghebbenden schriftelijk worden gedaan. Met het oog hierop is in de laatste alinea van de brief aan de Inspecteur geschreven:
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/472ac6d8125b2d3bb4a8b8bfeef740e9cbf100954c4716c14574ceec9a442196. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 472ac6d8125b2d3bb4a8b8bfeef740e9cbf100954c4716c14574ceec9a442196, en de alinea staat in dat document op bytes 24241 tot 25435.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/472ac6d8125b2d3bb4a8b8bfeef740e9cbf100954c4716c14574ceec9a442196 | shasum -a 256