Citaat | Hoge Raad 22 juni 1973

Alinea 110 Hoge Raad 22 juni 1973

Een alinea uit Hoge Raad 22 juni 1973, ECLI:NL:HR:1973:AD2208.

Dit zo zijnde had het Hof, nagaande of de Gemeente, inderdaad had voldaan aan haar contractuele verplichtingen welke naar 's Hofs oordeel samenvielen met de inachtneming van de wettelijke voorschriften ten aanzien van het te leveren drinkwater, niet mogen volstaan met zich te baseren op de in 1968 aan de Gemeente verleende goedkeuring, maar had zich moeten afvragen hoe over voormeld twistpunt moest worden beslist, en dus of voldaan was aan het vereiste van een praktische mogelijkheid over ongefluorideerd drinkwater te beschikken. Daarbij verdient opmerking, dat de Gemeente niet had gesteld, noch anderszins was gebleken, dat zulk een mogelijkheid voor [eiser 1 c.s.] of een of meer van hen gemakkelijker te gebruiken zou zijn geweest dan voor het gemiddelde van de overige watergebruikers over wier situatie het debat in hoofdzaak werd gevoerd. Zeker had het Hof de voormelde opvatting niet buiten beschouwing mogen laten nu het (mede) ging over de vraag of de Gemeente wel te goeder trouw de overeenkomsten uitvoerde door gefluorideerd water te leveren. ";

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bb94bc25bae31e05f3cdf1d69617aa4eb69dc4dabaae7c2b0132d0c922368d3b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bb94bc25bae31e05f3cdf1d69617aa4eb69dc4dabaae7c2b0132d0c922368d3b, en de alinea staat in dat document op bytes 38691 tot 39768.