Citaat | Hoge Raad 13 juni 1975
Alinea 89 Hoge Raad 13 juni 1975
Een alinea uit Hoge Raad 13 juni 1975, ECLI:NL:HR:1975:AC3080.
dat voor de beantwoording van de vraag hoever de aansprakelijkheid van de eigenaar gaat voor de gevolgen van de gehele of gedeeltelijke instorting van een gebouw ingevolge artikel 1405, enerzijds moet worden bedacht dat de tekst van het artikel geen beperking tot bepaalde gevolgen inhoudt en dat ook de strekking van het artikel eerder voor een ruime dan voor een enge opvatting aangaande de omvang van de aansprakelijkheid van de eigenaar pleit; dat die aansprakelijkheid immers geacht moet worden zijn grond te vinden in de omstandigheid dat, indien door verzuim van onderhoud of door een gebrek in de bouwing of inrichting van een gebouw een instorting ontstaat waardoor schade aan derden wordt toegebracht, het veelal voor die derden moeilijk zo niet ondoenlijk zal zijn om degene op te sporen die voor het verzuim of het gebrek de schuld draagt; dat het artikel derhalve tot doel heeft om te voorkomen dat de benadeelden als gevolg van bedoelde moeilijkheid van schadevergoeding verstoken zouden blijven, en daarom de eigenaar aanwijst als degeen tegen wie de benadeelden in ieder geval hun desbetreffende vorderingen kunnen richten;
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cd9ceeef3381883971c763bf76524088dba64a412e1d66577e29c198a3390045. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cd9ceeef3381883971c763bf76524088dba64a412e1d66577e29c198a3390045, en de alinea staat in dat document op bytes 32592 tot 33745.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/cd9ceeef3381883971c763bf76524088dba64a412e1d66577e29c198a3390045 | shasum -a 256