Citaat | Hoge Raad 21 januari 1976

Alinea 34 Hoge Raad 21 januari 1976

Een alinea uit Hoge Raad 21 januari 1976, ECLI:NL:HR:1976:AX3822.

2. Door de Inspecteur is gesteld "dat het zeer onwaarschijnlijk is, dat belanghebbende een dergelijke transactie met elke willekeurige derde zou weten te bewerkstelligen"". En voorts, ""dat ieder ander daaraan bij een dergelijke transactie, waarbij een particulier persoon gedurende een reeks van jaren uitkeringen moet verrichten, (evenwel) nauwelijks enige waarde zou toekennen"". Deze stellingen zijn door belanghebbende niet weersproken.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4bafabfea3397390681c37bfd283f7dc4ec7f53e7901d5b20eeccee047733535. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4bafabfea3397390681c37bfd283f7dc4ec7f53e7901d5b20eeccee047733535, en de alinea staat in dat document op bytes 18479 tot 18934.