Citaat | Hoge Raad 21 januari 1976

Alinea 36 Hoge Raad 21 januari 1976

Een alinea uit Hoge Raad 21 januari 1976, ECLI:NL:HR:1976:AX3822.

4. Aangezien het Hof in zijn uitspraak vrijgevigheid als oorzaak van de overeenkomst van lijfrente heeft aangenomen, is het Hof ofwel uitgegaan van een ander begrip vrijgevigheid dan dat bedoeld bij artikel 1, lid 2, van de Successiewet 1956 (het aangaan van de transactie ter wille van de bevoordeling), ofwel is 's Hofs uitspraak onbegrijpelijk in het licht van de onder 1 en 2 vermelde als onweersproken vaststaande feiten en omstandigheden.";

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4bafabfea3397390681c37bfd283f7dc4ec7f53e7901d5b20eeccee047733535. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4bafabfea3397390681c37bfd283f7dc4ec7f53e7901d5b20eeccee047733535, en de alinea staat in dat document op bytes 19351 tot 19810.