Citaat | Hoge Raad 1 juni 1977
Alinea 33 Hoge Raad 1 juni 1977
Een alinea uit Hoge Raad 1 juni 1977, ECLI:NL:HR:1977:AX3510.
De vergoeding strekt niet ter vervanging van toekomstige inkomsten, zodat artikel 31 van de Wet toepassing mist; van een vergoeding van rijpende inkomsten uit een bron is in casu geen sprake, de vergoeding is gegeven voor de bron zelf. Ook uit de beschikking van de Kantonrechter van 29 december 1972 volgt dat het toegekende bedrag niet strekte tot vergoeding van in de toekomst te derven inkomsten. De door de Kantonrechter aangewezen actuaris berekende voor een zodanige vergoeding een bedrag van f 425.000,--; uit de in fotocopie tot de stukken behorende brief van deze actuaris blijkt dat daarbij werd uitgegaan van het feit dat een uitkering niet aan belastingheffing zou zijn onderworpen. Ondanks het advies van de actuaris, en rekening houdende met een aantal andere factoren, heeft de Kantonrechter ‘’ ‘’ex aequo et bono in goede justitie’’ ‘’ het bedrag van de vergoeding bepaald op f 215.000,--.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/144cc6cee59f84d5ff05df570c94b956aa13cd667073c8a7ed569a0c4f00baf7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 144cc6cee59f84d5ff05df570c94b956aa13cd667073c8a7ed569a0c4f00baf7, en de alinea staat in dat document op bytes 11076 tot 12011.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/144cc6cee59f84d5ff05df570c94b956aa13cd667073c8a7ed569a0c4f00baf7 | shasum -a 256