Citaat | Hoge Raad 20 april 1977
Alinea 11 Hoge Raad 20 april 1977
Een alinea uit Hoge Raad 20 april 1977, ECLI:NL:HR:1977:AX3560.
"belanghebbende werd als naamloze vennootschap opgericht bij notariële acte van 17 december 1968 en bij notariële acte van 29 december 1972 omgezet in een besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid; alle aandelen van belanghebbende zijn in handen van [A] Ltd. , gevestigd te [Q] , Engeland; belanghebbende maakt deel uit van een concern, dat zich bezig houdt met de verhuur van electronische apparaten, voornamelijk televisie-ontvangers; binnen dit concern fungeert zij als houdstermaatschappij voor deszelfs belangen op het Europese continent; in de vervulling van deze functie kocht zij einde 1968 tegen de prijs van Lit. 118.960.000,-- 99,79% (nominaal Lit- 45.000.000,--) van de geplaatste aandelen in [B] SrL. (hierna te noemen: [B] ), gevestigd in Italië; [B] behaalt geen binnen het Rijk belastbare winst; ter financiering van deze overname ging belanghebbende een in Italiaanse lires luidende en 13,25% rentende lening aan, welke lening later werd omgezet in een 8,5% rentende en in Amerikaanse dollars luidende lening; bij het tot stand komen van deze lening alsmede bij voormelde omzetting daarvan verleende de bankierskantoor [C] S.A. , gevestigd te [R] , bemiddeling; belanghebbendes boekjaar loopt van 1 mei tot en met 30 april; de koers van de Amerikaanse dollar bedroeg ten tijde van vorenbedoelde omzetting van de geldlening ƒ 3,6339 en op 30 april 1973 ƒ 2,90; op haar balans per 30 april 1972 waardeerde belanghebbende haar schuld uit voormelde geldlening, toen groot $ 205.618,- op ƒ 747,198,--, derhalve als dollarkoers in aanmerking nemende de koers, waartegen voormelde omzetting van de lening had plaatsgevonden; in de loop van het boekjaar 1972/1973 heeft belanghebbende op bedoelde schuld afgelost een bedrag $ 32.051,-; doordat de aflossing geschiedde tegen een koers van ƒ 3,20 behaalde belanghebbende daarbij een voordeel van ƒ 13.906,93, namelijk 32.051 x (ƒ 3,6339 - ƒ 3,20); de rente van de geldlening was per kalenderkwartaal verschuldigd en verviel telkens op de eerste dag van het kwartaal; op haar balansen per 30 april passiveerde belanghebbende steeds de rente over de maand april; de ter zake op haar balans per 30 april 1972 onder de passiva opgevoerde post bedroeg ƒ 1.790,-- meer dan in juli 1972 tegen de toen geldende dollarkoers werd voldaan wegens rente over de maand april 1972; de in het boekjaar 1972/1973 door belanghebbende betaalde rente bedroeg na aftrek van het verschil tussen de door haar bij begin en einde van dat boekjaar gepassiveerde rente ƒ 46.280,--; op haar balans per 30 april 1972 nam belanghebbende als transitoire post op de over die maand van dat jaar verschuldigde rente; de door belanghebbende in het boekjaar 1972/1973 gemaakte accountants-, advies- en diverse kosten hebben (rond) belopen onderscheidenlijk ƒ 3.046,--, ƒ 5.189,-- en ƒ 554, dat is tezamen ƒ 8.789,--;
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f8d6a4f29daa104c0baf12eab49a196e7671abbaf0d33529711d020160c110d2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f8d6a4f29daa104c0baf12eab49a196e7671abbaf0d33529711d020160c110d2, en de alinea staat in dat document op bytes 5606 tot 8483.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f8d6a4f29daa104c0baf12eab49a196e7671abbaf0d33529711d020160c110d2 | shasum -a 256