Citaat | Hoge Raad 12 april 1978
Alinea 4 Hoge Raad 12 april 1978
Een alinea uit Hoge Raad 12 april 1978, ECLI:NL:HR:1978:AC2432.
Gezien het beroepschrift in cassatie van [X1] en [X2] beiden te [Z] tegen de uitspraak van het Gerechtshof te 's-Gravenhage van 8 februari 1977 betreffende de na te melden aanslag in het recht van schenking; Gezien de conclusie van de Advocaat-Generaal Van Soest strekkende tot vernietiging van de bestreden uitspraak en tot verwijzing van het geding naar een ander Gerechtshof ter verdere behandeling en beslissing van de zaak in meervoudige kamer met inachtneming van het door de Hoge Raad te wijzen arrest; Gezien de stukken; Overwegende dat ter zake van na te melden verkrijging een aanslag in het recht van schenking is opgelegd naar een verkrijging van ƒ 54.350,--, welke aanslag, na door belanghebbenden daartegen gemaakt bezwaar, door de Inspecteur is gehandhaafd, waarna belanghebbenden van de uitspraak van de Inspecteur in beroep zijn gekomen bij het Hof; Overwegende dat het Hof als vaststaande heeft aangemerkt: "Per 1 mei 1968 heeft [X1] , geboren in 1900, de tot dan toe door hem geëxploiteerde boerderij tot het jaar 2000 verpacht aan zijn in 1940 geboren schoonzoon [X2] . Deze boerderij omvatte de hofstede, plaatselijk bekend [a-straat 1] te [Z] , met 14.29.76 ha land te [Z] en te [Q] . Bedoelde pachtovereenkomst heeft gelopen totdat [X1] het onroerend goed blijkens de transportakte, op 13 maart 1974 verleden ten overstaan van notaris [B] te [R] , onder voorbehoud van het recht van opstal op een gedeelte, groot 2850 ca, van de grond te [Z] voor ƒ 78.000,-- verkocht aan de pachter [X2] en diens echtgenote [A] , de in 1946 geboren dochter van de verkoper, ieder voor de onverdeelde helft. Artikel 3 van evenbedoelde akte luidt als volgt: ""3. Bij vervreemding binnen tien jaar na heden van het hiervoor omschreven verkochte onroerend goed of een gedeelte daarvan, zal terstond na die vervreemding door de vervreemders aan [X1] voornoemd en/of diens rechtverkrijgenden onder algemene titel in contanten worden uitgekeerd:----------- de contra-prestatie van het dan vervreemde bij die vervreemding, verminderd met: a. de contra-prestatie (eventueel te berekenen) van het dan vervreemde bij de vervreemding van heden, b. hetgeen in de hiervoor bedoelde toekomstige contra-prestatie is begrepen wegens verbeteringen, aangebracht door de komparanten [X2] en/of [A] en/of hun rechtverkrijgenden onder algemene titel en wegens stijging van de prijzen van landbouwgronden tussen de vervreemding van heden en de hiervoor bedoelde toekomstige vervreemding,--------- (leidt het vorenstaande tot een negatief bedrag dan zal uiteraard niets worden uitgekeerd),--- alles op straffe van een onmiddellijk opeisbare boete groot driemaal het krachtens het vorenstaande uit te keren bedrag, te verbeuren ten behoeve van [X1] voornoemd en/of diens rechtverkrijgenden onder algemene titel.---------- Al het vorenstaande van dit derde beding is niet van toepassing indien het onroerend goed betrokken wordt bij de ruilverkaveling van [S] en indien de vervreemding van het hiervoor verkochte plaats vindt ter financiering van een door de kopers in deze te verkrijgen ander onroerend goed en/of een ander bedrijf.--------"" Voor de koopsom is bij bedoelde akte volledige kwijtschelding verleend. Tegelijkertijd is blijkens akte, eveneens op 13 maart 1974 ten overstaan van genoemde notaris verleden, door de verkoper aan de kopers per die datum onder hypothecair verband van het overgedragen onroerend goed een geldlening van ƒ 63.000,-- verstrekt tegen een rente van vier procent per jaar met bepaling dat de schuldenaren bevoegd zijn zodanige bedragen op deze lening af te lossen als zij zullen wensen, mits betalende in ronde sommen en op de vervaldata van de rente. Omtrent de opeisbaarheid van het geleende bedrag houdt deze akte sub 3 en 4 het volgende in: ""3. De teruggaaf van de hoofdsom met de rente kan eerst gevorderd worden op of na de dertiende maart negentienhonderd negenenzeventig,-------- mits drie maanden tevoren opzegging heeft plaatsgevonden. 4. De hoofdsom met de rente zal evenwel, in afwijking van het onder 3 bepaalde, terstond opeisbaar zijn, indien de schuldenaren de rente niet prompt op de verschijndagen betalen, bij faillissement van de schuldenaren of een hunner bij inbeslagneming of onteigening van – en bij brandschade aan het verbonden onroerend goed en in het algemeen bij niet-voldoening door de schuldenaren aan de krachtens deze akte en de wet op hen rustende verplichtingen.--------"" In een verklaring, door de notaris gesteld aan de voet van de transportakte, is voor de daarbij geconstateerde verkrijging met uitzondering van die van het woongedeelte van de boerderij, welks waarde daarbij door de notaris is gesteld op ƒ 9.000,--, een beroep gedaan op de vrijstelling van artikel 15, eerste lid letter b, der Wet op belastingen van rechtsverkeer. Ter gelegenheid van de aanbieding van deze akte ter registratie is dienovereenkomstig ƒ 450,-- overdrachtsbelasting geheven. De door [X2] met de exploitatie van de boerderij – aanvankelijk als pachter, later als eigenaar – over de jaren 1971 tot en met 1975 voor de heffing van de inkomstenbelasting aangegeven bedrijfswinsten bedroegen achtereenvolgens ƒ 20.800,--, ƒ 27.900,--, ƒ 32.900,--, ƒ 36.800,-- en ƒ 35.400,--. Tot het gezin van hem en zijn echtgenote behoren twee kinderen, onderscheidenlijk geboren in 1969 en in 1971. Na plaatselijke opneming schatte de Inspecteur de waarde van het verkochte onroerend goed per 13 maart 1974 met inachtneming van het lopende pachtcontract op ƒ 132.350,--, waaronder het woongedeelte was begrepen voor ƒ 15.000,--. Deze taxatie gaf de Inspecteur niet alleen aanleiding tot naheffing van overdrachtsbelasting tot een bedrag van ƒ 300,--, maar ook tot het vaststellen van de onderwerpelijke aanslag in het recht van schenking. Naar zijn oordeel was hier namelijk sprake van een materiële schenking door [X1] aan zijn dochter en schoonzoon ten belope van het verschil, groot ƒ 54.350,--, tussen de overdrachtsprijs en de waarde van het onroerend goed. Deze aanslag is daarbij als volgt door hem berekend:
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fc2f1697f2e15aa6059ae2fcd29521949450837a283c0aa4b59672e660a3d7e3. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fc2f1697f2e15aa6059ae2fcd29521949450837a283c0aa4b59672e660a3d7e3, en de alinea staat in dat document op bytes 4408 tot 10835.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/fc2f1697f2e15aa6059ae2fcd29521949450837a283c0aa4b59672e660a3d7e3 | shasum -a 256