Citaat | Hoge Raad 30 juni 1978
Alinea 62 Hoge Raad 30 juni 1978
Een alinea uit Hoge Raad 30 juni 1978, ECLI:NL:HR:1978:AC6324.
De Rechtbank is van oordeel dat, nu de Kantonrechter heeft overwogen dat de gestelde huurovereenkomst conform het overgelegde huurcontract en de overgelegde voorlopige huurovereenkomst tussen partijen in confesso is — door welke overweging [eiser] zich niet gegriefd voelt — daaruit in het kader van het door [eiser] ook in hoger beroep gevoerde verweer moet worden geconcludeerd dat het beloop der vordering niet betwist is.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b4e15c6cc4303a37bf00c1f883beeb66fca6cf818ebb1d610913ebbb6ee25db2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b4e15c6cc4303a37bf00c1f883beeb66fca6cf818ebb1d610913ebbb6ee25db2, en de alinea staat in dat document op bytes 19539 tot 19982.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/b4e15c6cc4303a37bf00c1f883beeb66fca6cf818ebb1d610913ebbb6ee25db2 | shasum -a 256