Citaat | Hoge Raad 30 juni 1978
Alinea 52 Hoge Raad 30 juni 1978
Een alinea uit Hoge Raad 30 juni 1978, ECLI:NL:HR:1978:AC6325.
C) de omstandigheid dat Wibra (naar onweersproken is gesteld bij memorie van antwoord sub 2), afgaand op deze door [verweerder] gewekte schijn, bij brief van 23 december 1975 (zie rechtsoverweging 5) aan [verweerder] heeft medegedeeld, dat [eiser] gebruik wenste te maken van het optierecht, nu Wibra per 3 juli 1976 terugtrad casu quo de overeenkomst beëindigde, tegen welke mededeling zijdens [verweerder] op generlei wijze bezwaar is gemaakt, terwijl integendeel rechtstreekse onderhandelingen tussen de vertegenwoordigers van [verweerder] en [eiser] zijn gevolgd over verkoop van het pand op basis van de index-clausule in het optiebeding.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e08e146070d6ca4f47ae11e98f57f4d78b897b425ee4870f12e9a5317a5eb50a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e08e146070d6ca4f47ae11e98f57f4d78b897b425ee4870f12e9a5317a5eb50a, en de alinea staat in dat document op bytes 19087 tot 19744.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e08e146070d6ca4f47ae11e98f57f4d78b897b425ee4870f12e9a5317a5eb50a | shasum -a 256