Citaat | Hoge Raad 30 juni 1978
Alinea 55 Hoge Raad 30 juni 1978
Een alinea uit Hoge Raad 30 juni 1978, ECLI:NL:HR:1978:AC6325.
E) de omstandigheid dat niet aanvaardbaar is dat [eiser] , die reeds sinds februari 1972 in het litigieuze pand zijn drogisterijbedrijf uitoefent, en die als gevolg van betrekkelijk toevallige omstandigheden niet zelf als huurder kan worden aangemerkt, zich geheel buiten het kader van het bedongen optierecht zou bevinden, zulks met name gelet op het feit, dat de onderhuurovereenkomst van 3 januari 1972 (in samenhang met de boven geciteerde toestemming van [verweerder] ) nagenoeg het karakter heeft van een contractsoverneming casu quo (overeengekomen) in de plaats stelling als geregeld in artikel 1635 van het Burgerlijk Wetboek.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e08e146070d6ca4f47ae11e98f57f4d78b897b425ee4870f12e9a5317a5eb50a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e08e146070d6ca4f47ae11e98f57f4d78b897b425ee4870f12e9a5317a5eb50a, en de alinea staat in dat document op bytes 21022 tot 21670.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e08e146070d6ca4f47ae11e98f57f4d78b897b425ee4870f12e9a5317a5eb50a | shasum -a 256