Citaat | Hoge Raad 24 oktober 1978

Alinea 10 Hoge Raad 24 oktober 1978

Een alinea uit Hoge Raad 24 oktober 1978, ECLI:NL:HR:1978:AC6373.

‘’Schending van het recht en de Nederlandse wet, in het bijzonder van de artikelen 116 juncto 94 en 95, 338, 344, 345, 350, 359, 421, 422 en 423 van het Wetboek van Strafvordering en 45, 310, 311 en 312 van het Wetboek van Strafrecht, aangezien de feitelijke rechter uit de gebezigde bewijsmiddelen niet heeft kunnen c.q. mogen afleiden, dat requirant zich heeft schuldig gemaakt aan het hem sub 1 in de dagvaarding tenlastegelegde en ten aanzien van hem bewezen verklaard feit.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3ed293aa28bb213fa9d92c9b5f36e3d97f50a6b7383f649cdfee516d9d77a66d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3ed293aa28bb213fa9d92c9b5f36e3d97f50a6b7383f649cdfee516d9d77a66d, en de alinea staat in dat document op bytes 8089 tot 8584.