Citaat | Hoge Raad 24 oktober 1978

Alinea 33 Hoge Raad 24 oktober 1978

Een alinea uit Hoge Raad 24 oktober 1978, ECLI:NL:HR:1978:AC6373.

‘’dat hij op 27 februari 1976 te Amsterdam, ter uitvoering van zijn voornemen en van het misdrijf om tezamen en in vereniging met een ander uit een perceel gelegen aan de Leidsekade, met het oogmerk van wederrechtelijke toeëgening weg te nemen geld, toebehorende aan het uitzendbureau ‘’Cito’’, en die diefstal te doen voorafgaan en/of te doen vergezellen van bedreiging met geweld, te plegen tegen in dat uitzendbureau aanwezige personen met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken, opzettelijk tezamen en in vereniging met een ander, nadat hij en zijn mededader redelijke zekerheid hadden dat door personeel van een geldauto een bedrag aan geld bij genoemd uitzendbureau was afgeleverd en nadat hij en zijn mededader zich moeilijk herkenbaar hadden gemaakt door een bromfietshelm op te zetten en hun gezicht gedeeltelijk te bedekken met een shawl of een stuk trui, en terwijl zijn mededader in het bezit was van een met scherpe patronen geladen schietklaar pistool en hij, verdachte van een lege tas, de stenen toegangstrap naar de voordeur van genoemd uitzendbureau is opgelopen en aan die gesloten voordeur heeft gebeld, zijnde de uitvoering van bovenomschreven voorgenomen misdrijf niet voltooid alleen tengevolge van de van zijn, verdachte’s wil en de wil van zijn mededader onafhankelijke omstandigheden dat die voordeur niet werd opengedaan en hij en zijn mededader ter plaatse door politieambtenaren werden aangehouden’’;

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3ed293aa28bb213fa9d92c9b5f36e3d97f50a6b7383f649cdfee516d9d77a66d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3ed293aa28bb213fa9d92c9b5f36e3d97f50a6b7383f649cdfee516d9d77a66d, en de alinea staat in dat document op bytes 12864 tot 14358.