Citaat | Hoge Raad 20 december 1978
Alinea 45 Hoge Raad 20 december 1978
Een alinea uit Hoge Raad 20 december 1978, ECLI:NL:HR:1978:AX2808.
2. ' s Hofs uitspraak in de tweede overweging ten aanzien van de andere oorzaak of titel voor de betaalde hand- of tekengelden is daarnaast enerzijds onbegrijpelijk omdat uit de uitspraak niet blijkt, waarom een vergoeding vooruit geen vergoeding voor goodwill is of kan zijn, anderzijds innerlijk tegenstrijdig en onvoldoende gemotiveerd omdat wel uit de uitspraak blijkt, dat het Hof ervan uitgaat, dat er een zekere verhouding bestaat tussen de grootte van de vergoeding en de deskundigheid van de speler en een vergoeding voor goodwill zich nu juist leent om die op het moment van het sluiten van een arbeidsovereenkomst bestaande deskundigheid te verdisconteren, doch het Hof niet aangeeft waarom desondanks geen sprake is van een vergoeding wegens inbreng van goodwill, en, ten slotte, onbegrijpelijk, omdat uit hetgeen hiervoren onder enerzijds en anderzijds omschreven werd in onderlinge samenhang ten opzichte van het in de eerste overweging vervatte oordeel, dat een dergelijke vergoeding loon is, niet blijkt waar de betaalde hand- of tekengelden geen andere oorzaak of titel hebben, dan de gesloten arbeidsovereenkomst, zodat noch de eerste overweging van 's Hofs uitspraak, noch de tweede overweging, noch deze beide samen voldoende gemotiveerd zijn.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0ab27821eb2a16eece6bd7495ef9d2e5bc87fd9019030f12e894276e58831cec. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0ab27821eb2a16eece6bd7495ef9d2e5bc87fd9019030f12e894276e58831cec, en de alinea staat in dat document op bytes 13707 tot 14983.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/0ab27821eb2a16eece6bd7495ef9d2e5bc87fd9019030f12e894276e58831cec | shasum -a 256