Citaat | Hoge Raad 26 september 1979
Alinea 92 Hoge Raad 26 september 1979
Een alinea uit Hoge Raad 26 september 1979, ECLI:NL:HR:1979:AM4918.
dat indien het daarentegen gaat om als toezeggingen op te vatten uitlatingen van de zijde van de fiscus, waaraan een belastingplichtige het vertrouwen heeft mogen ontlenen dat de fiscus, na kennisneming van alle daartoe vereiste bijzonderheden van de belastingplichtige zelf betreffende geval, aan vorenbedoelde regels, zo omtrent de toepasselijkheid of de toepassing daarvan vragen zijn gerezen, in zijn geval een bepaalde toepassing zal geven, bij een afweging als voormeld aan het voornoemde beginsel van behoorlijk bestuur doorslaggevende betekenis moet worden toegekend;
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/32dcaf691601a87ce3ced364f922278f0895c73a542487a68be3a5cd3dbc3784. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 32dcaf691601a87ce3ced364f922278f0895c73a542487a68be3a5cd3dbc3784, en de alinea staat in dat document op bytes 23443 tot 24032.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/32dcaf691601a87ce3ced364f922278f0895c73a542487a68be3a5cd3dbc3784 | shasum -a 256