Citaat | Hoge Raad 14 maart 1979
Alinea 25 Hoge Raad 14 maart 1979
Een alinea uit Hoge Raad 14 maart 1979, ECLI:NL:HR:1979:AX2764.
3. Ter berekening van de in lid 4 te noemen uitkeringen en reserve wordt van de netto-winst allereerst zo mogelijk afgezonderd een bedrag gelijk aan vier procent van het eigen vermogen der vennootschap. Onder eigen vermogen der vennootschap wordt verstaan het totaal van het geplaatste nominale kapitaal der vennootschap, zomede de agioreserve aan het einde van elk boekjaar en het totaal der uit de winstverdeling gevormde reserves, te weten de algemene reserve, de extra-reserve en de dividend-reserve, zoals deze blijken uit de, in de laatstelijk in het boekjaar gehouden algemene vergadering van aandeelhouders vastgestelde, balans.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a722e52e94304551af6b61157cbb024c28f665bd7e5d4779e7c2d32626505810. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a722e52e94304551af6b61157cbb024c28f665bd7e5d4779e7c2d32626505810, en de alinea staat in dat document op bytes 9284 tot 9933.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a722e52e94304551af6b61157cbb024c28f665bd7e5d4779e7c2d32626505810 | shasum -a 256