Citaat | Hoge Raad 7 februari 1979

Alinea 12 Hoge Raad 7 februari 1979

Een alinea uit Hoge Raad 7 februari 1979, ECLI:NL:HR:1979:AX2911.

De 8% obligatielening Unilever 1970-1975, ten aanzien waarvan geen gehele of gedeeltelijke vervroegde aflossing was toegestaan, is op 1 december 1975 in haar geheel a pari afgelost. Bij aflossing werd aan belanghebbende, die de mantels tot de aflossingsdatum in zijn bezit heeft gehouden, afgezien van kosten en provisie, een bedrag van f 1.200.000,-- uitbetaald. Belanghebbendes gemachtigde en diens medevennoten hebben eveneens mantels van obligaties van voormelde lening gekocht. De mantels zijn betrokkenen aangeboden door het commissionairskantoor [C] te [Q] , lid van de Vereniging voor de Effectenhandel. De desbetreffende nota's - voor belanghebbende genummerd B nummer 35606 en 35609, voor de gemachtigde B nummer 35603 - hebben als valutadatum 1 november 1972 en behelzen voorts alle de aanduiding ‘’Nota voor nummer 10000''. Op de nota's is de aankoop - afgezien van de bedragen - op overeenkomstige wijze omschreven. Zo luidt effectennota B nummer 35606: ‘’ ‘’Voor u gekocht: De mantels van: f 1.000.000,-- 8% obligaties Unilever 1970 af coupons a 8% f 830.000,--.'' ''.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e8352deeac26b0d749ab48c31ac97ae5c4cbcf63fe3eeb21192caff041e52428. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e8352deeac26b0d749ab48c31ac97ae5c4cbcf63fe3eeb21192caff041e52428, en de alinea staat in dat document op bytes 6373 tot 7480.