Citaat | Hoge Raad 7 februari 1979

Alinea 49 Hoge Raad 7 februari 1979

Een alinea uit Hoge Raad 7 februari 1979, ECLI:NL:HR:1979:AX3000.

dat immers in artikel 33 van de Wet op de inkomstenbelasting 1964, voor zover thans van belang, is bepaald dat inkomsten worden beschouwd te zijn genoten op het tijdstip waarop zij ontvangen of verrekend zijn, ter beschikking van de belastingplichtige zijn gesteld, rentedragend, dan wel vorderbaar en tevens inbaar zijn geworden;

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5584842f4353194541704031febd6b84c0a67fcebac61dc2f60ca1f1bebf0390. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5584842f4353194541704031febd6b84c0a67fcebac61dc2f60ca1f1bebf0390, en de alinea staat in dat document op bytes 18010 tot 18353.