Citaat | Hoge Raad 23 mei 1980

Alinea 26 Hoge Raad 23 mei 1980

Een alinea uit Hoge Raad 23 mei 1980, ECLI:NL:HR:1980:AC6896.

Een en ander vindt steun in het feit dat, zoals [verweerder 1] en [verweerster 2] onweersproken bij conclusie van repliek hebben gesteld, ten behoeve van [betrokkene 2] in mindering op zijn rekening bij de B.V. de op een blijkens diens verklaring door de getuige [betrokkene 3] opgemaakt rekeningoverzicht vermelde betalingen voor een auto, een autoverzekering en aankoop van effecten werden verricht tot een totaal bedrag van f 22.906,58.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a16d673d2e7a0935c1269b7272cc83b4b2ec491cd268fbb080eaecb23d72a9d0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a16d673d2e7a0935c1269b7272cc83b4b2ec491cd268fbb080eaecb23d72a9d0, en de alinea staat in dat document op bytes 12422 tot 12874.