Citaat | Hoge Raad 23 mei 1980

Alinea 68 Hoge Raad 23 mei 1980

Een alinea uit Hoge Raad 23 mei 1980, ECLI:NL:HR:1980:AC6896.

1. Het Hof had te onderzoeken of zekere bestanddelen uit het vermogen van [eiser 1] en zijn toenmalige echtgenote [betrokkene 1] door dezen aan hun kinderen [verweerder 1] en [verweerster 2] zijn geschonken. Daartoe heeft het Hof eerst de vraag beantwoord of die vermogensbestanddelen aan laatstgenoemden zijn overgedragen (rechtsoverwegingen 4 en 5) en vervolgens de vraag of gesproken kan worden van schenkingen (rechtsoverwegingen 7 en 8) . De cassatiemiddelen betreffen, mede blijkens de daarop bij pleidooi gegeven toelichting, alleen de beslissing van het Hof omtrent de volgens [verweerder 1] en [verweerster 2] door [eiser 1] gedane schenking, niet de schenking door [betrokkene 1] .

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a16d673d2e7a0935c1269b7272cc83b4b2ec491cd268fbb080eaecb23d72a9d0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a16d673d2e7a0935c1269b7272cc83b4b2ec491cd268fbb080eaecb23d72a9d0, en de alinea staat in dat document op bytes 30192 tot 30896.