Citaat | Hoge Raad 17 november 1981

Alinea 103 Hoge Raad 17 november 1981

Een alinea uit Hoge Raad 17 november 1981, ECLI:NL:HR:1981:AC7387.

"dat de rechtbank op grond van de aard van de feiten, de omstandigheden waaronder ze zijn gepleegd en de persoon van verdachte zoals van een en ander uit het onderzoek ter terechtzitting is gebleken, van oordeel is dat aan verdachte de straf behoort te worden opgelegd, zoals hierna zal worden bepaald, waarbij de rechtbank onder meer overweegt dat verdachte ter terechtzitting heeft erkend zich te hebben schuldig gemaakt aan soortgelijke delikten, af te leiden uit het proces-verbaal van gemeentepolitie Dordrecht nr. 8407, bijlage 11D (hout), 13C (gedroogde prei), 14 C (isolatiemateriaal) en uit het proces-verbaal van rijkspolitie Dordrecht, nr. 5100, bijlage 101A (ham) en 102A (suiker)".

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/28ef6d8a12dd43f9460e51aac83671d487706f26ff8b054e83e147b68561b3b5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 28ef6d8a12dd43f9460e51aac83671d487706f26ff8b054e83e147b68561b3b5, en de alinea staat in dat document op bytes 36315 tot 37022.