Citaat | Hoge Raad 27 november 1981

Alinea 139 Hoge Raad 27 november 1981

Een alinea uit Hoge Raad 27 november 1981, ECLI:NL:HR:1981:AG4271.

Dit verweer faalt. Het Hof heeft in rechtsoverweging 2 van zijn eindarrest opgesomd welke van de oorspronkelijke zwarigheden die partijen verdeeld hielden, in hoger beroep nog van belang waren. In deze opsomming wordt als onderdeel e vermeld: de pensioenverplichting van [A] N.V. jegens de man. In zijn rechtsoverweging 20 heeft het Hof voorts nopens dit onderdeel e overwogen dat de vrouw er bezwaar tegen maakt dat de Rechtbank deze pensioenverplichting ‘’niet in haar vonnis betrokken heeft als activum van de man waartegenover de vrouw recht heeft op een uitkering van een overbedeling’’. Het Hof heeft derhalve geoordeeld dat het onderhavige punt behoorde tot de zwarigheden waarover het in deze procedure had te oordelen. De man heeft tegen dit oordeel niet op een door de wet toegelaten wijze een middel van cassatie gericht. Derhalve moet dit oordeel in cassatie en in het vervolg van deze procedure als juist worden aanvaard.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fc9f2b2e80f571ec1f9f4e7eb172f4092b63615904258cd06830290926b6feda. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fc9f2b2e80f571ec1f9f4e7eb172f4092b63615904258cd06830290926b6feda, en de alinea staat in dat document op bytes 47357 tot 48313.