Citaat | Hoge Raad 16 september 1981
Alinea 23 Hoge Raad 16 september 1981
Een alinea uit Hoge Raad 16 september 1981, ECLI:NL:HR:1981:AW9807.
Vooropgesteld zij dat een arbeidsovereenkomst tussen echtelieden moeilijk denkbaar is omdat de daaraan inherente gezagsverhouding niet wel verenigbaar is met de huwelijksband tussen man en vrouw. Wel echter zijn tussen echtelieden bestaanbaar overeenkomsten tot het verrichten van arbeid, andere dan de arbeidsovereenkomst, bij welke overeenkomsten de genoemde gezagsverhouding geen element is: de overeenkomst tot het verrichten van enkele diensten en de aanneming van werk. Uit een dergelijke geldige overeenkomst emaneert de onderhavige betaling aan mijn vrouw voor werkzaamheden welke normaliter in het maatschappelijke verkeer tegen betaling worden verricht. Aangezien het hier betreft een uitgaaf rechtstreeks ten behoeve van een behoorlijke vervulling van mijn dienstbetrekking, valt de betaling van f 2.400,-- onder de op mijn looninkomsten drukkende aftrekbare kosten. Evenzo vormt blijkens de duidelijke tekst van de wettelijke bepalingen (artikel 22, lid 1, letter b en artikel 5, lid 1, letter b, van de Wet op de inkomstenbelasting 1964) voor mijn vrouw het ontvangen bedrag een inkomste uit zogenaamde andere arbeid welke ingevolge de laatstgenoemde wetsbepaling bij haar zelf moet worden belast;
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dc017e2583cd9c67f20e5f678b6b7d0bb991a21f06ea993b147881b8b12d2704. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dc017e2583cd9c67f20e5f678b6b7d0bb991a21f06ea993b147881b8b12d2704, en de alinea staat in dat document op bytes 6684 tot 7907.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/dc017e2583cd9c67f20e5f678b6b7d0bb991a21f06ea993b147881b8b12d2704 | shasum -a 256