Citaat | Hoge Raad 16 september 1981
Alinea 46 Hoge Raad 16 september 1981
Een alinea uit Hoge Raad 16 september 1981, ECLI:NL:HR:1981:AW9807.
Bij deze aanvullende opmerkingen gaat belanghebbende weer, zoals tevoren, uit van het correlatieve verband dat, zo de gedane betalingen voor belanghebbendes vrouw inkomsten uit arbeid vormen, zij voor belanghebbende aftrekbare kosten zijn, en andersom. Een inkomensvoordeel voor de inkomstenbelasting nu moet voldoen aan twee criteria. Het moet primo voortvloeien uit een inkomensbron, dat is een duurzame oorzaak welke bij herhaling financiële voordelen kan opleveren. In de tweede plaats moet het voordeel zijn verkregen in het maatschappelijke verkeer of economische ruilverkeer. Gevoeglijk kan worden aangenomen dat aan het eerste criterium hier is voldaan, in dier voege dat de maandelijkse betalingen aan belanghebbendes vrouw rechtstreeks verband houden met de door haar verrichte werkzaamheden. De vraag welke dan overblijft is of de geldelijke beloning van belanghebbendes vrouw voor de door haar verrichte arbeid in het maatschappelijke verkeer is verkregen. Het Hof beantwoordt deze vraag, naar hij meent ten onrechte, ontkennend, zeggend dat de werkzaamheden niet op grond van een overeenkomst zijn verricht doch op grond van de huwelijksverhouding.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dc017e2583cd9c67f20e5f678b6b7d0bb991a21f06ea993b147881b8b12d2704. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dc017e2583cd9c67f20e5f678b6b7d0bb991a21f06ea993b147881b8b12d2704, en de alinea staat in dat document op bytes 16911 tot 18086.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/dc017e2583cd9c67f20e5f678b6b7d0bb991a21f06ea993b147881b8b12d2704 | shasum -a 256