Citaat | Hoge Raad 1 juli 1985

Alinea 235 Hoge Raad 1 juli 1985

Een alinea uit Hoge Raad 1 juli 1985, ECLI:NL:HR:1985:AB7675.

9.1. Rechtbank en Hof hebben het in de eerste alinea van het middel aangehaalde gedeelte van de verklaring van de verdachte ter terechtzitting kennelijk aldus verstaan - en kunnen verstaan - dat de verdachte daarin tot uitdrukking heeft gebracht dat hij niet ontkent maar het mogelijk acht dat hij degene is geweest die mensen van het leven heeft beroofd door zijn met scherpe patronen geladen vuurwapen in hun richting af te vuren, zoals hem is telastegelegd en vervolgens te zijnen laste is bewezenverklaard als vermeld hiervoor onder 4.1. Aldus opgevat bevat dit deel van de verklaring van de verdachte niets wat de verdachte niet uit eigen wetenschap bekend kan zijn.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d75ddd36815897f311870304ae261c32c194e765de3f8d0bee8873c906ff24aa. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d75ddd36815897f311870304ae261c32c194e765de3f8d0bee8873c906ff24aa, en de alinea staat in dat document op bytes 66567 tot 67252.