Citaat | Hoge Raad 1 juli 1985
Alinea 54 Hoge Raad 1 juli 1985
Een alinea uit Hoge Raad 1 juli 1985, ECLI:NL:HR:1985:AB7675.
In de noot op het arrest van de Hoge Raad d.d. 25 juni 1934 pag. 1180, stelt Taverne, dat bij het aanwenden van het proces-verbaal van de Rechter-Commissaris er twee betrouwbaarheidsvragen in aanmerking komen: ''t.w. de betrouwbaarheid van dengene, wiens mededeling wordt overgebracht en de betrouwbaarheid van den overbrenger (hier de Rechter-Commissaris)''.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d75ddd36815897f311870304ae261c32c194e765de3f8d0bee8873c906ff24aa. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d75ddd36815897f311870304ae261c32c194e765de3f8d0bee8873c906ff24aa, en de alinea staat in dat document op bytes 23100 tot 23473.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/d75ddd36815897f311870304ae261c32c194e765de3f8d0bee8873c906ff24aa | shasum -a 256