Citaat | Hoge Raad 1 juli 1985

Alinea 60 Hoge Raad 1 juli 1985

Een alinea uit Hoge Raad 1 juli 1985, ECLI:NL:HR:1985:AB7675.

In de verklaring voor de Rechter-Commissaris is er geen overeenstemming met datgene dat [getuige 1] gezien heeft. Wat hij gezien heeft wordt onmiddellijk bij de politie verklaard. Het is ondenkbaar dat het gezicht verscherpt wordt, nadat meer dan 1,5 maand sedert het delict verstreken is. Er is slechts een verklaring, dat het ''gezicht verscherpt'' wordt, ondermeer tengevolge van de reconstructie, en de daarvoor plaats gehad hebbende publiciteit en geruchtenstroom.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d75ddd36815897f311870304ae261c32c194e765de3f8d0bee8873c906ff24aa. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d75ddd36815897f311870304ae261c32c194e765de3f8d0bee8873c906ff24aa, en de alinea staat in dat document op bytes 25053 tot 25536.