Citaat | Hoge Raad 1 juli 1985
Alinea 61 Hoge Raad 1 juli 1985
Een alinea uit Hoge Raad 1 juli 1985, ECLI:NL:HR:1985:AB7675.
Omdat [getuige 1] het door hem verklaarde in het proces-verbaal voor de Rechter-Commissaris niet gezien heeft, maar het hem aangepraat is, kunnen de aangehaalde passages uit het proces-verbaal van de Rechter-Commissaris niet voor bewijs gebruikt worden, omdat zij niet behelzen, mededelingen van feiten of omstandigheden door [getuige 1] zelf waargenomen of ondervonden en kan het proces-verbaal, voor zover het deze passages betreft, niet gelden als een wettig bewijsmiddel. Hierbij wordt tevens verwezen naar de argumenten vermeld onder sub a.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d75ddd36815897f311870304ae261c32c194e765de3f8d0bee8873c906ff24aa. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d75ddd36815897f311870304ae261c32c194e765de3f8d0bee8873c906ff24aa, en de alinea staat in dat document op bytes 25552 tot 26110.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/d75ddd36815897f311870304ae261c32c194e765de3f8d0bee8873c906ff24aa | shasum -a 256