Citaat | Hoge Raad 2 april 1985
Alinea 39 Hoge Raad 2 april 1985
Een alinea uit Hoge Raad 2 april 1985, ECLI:NL:HR:1985:AB7967.
Met betrekking tot de aanhouding merk ik nog het volgende op. Kennelijk is het de bedoeling geweest dat mijn klienten in het bureau van de Spoorwegpolitie op het Centraal Station verhoord zouden worden. Dit is in strijd met art. 53 lid 3 van het Wetboek van Strafvordering dat immers zegt dat degene die aangehouden is direkt voorgeleid moet worden voor een hulpofficier van Justitie. Daarna kan pas een verhoor beginnen. De aanhouding van mijn klienten is alleen al om deze reden onrechtmatig verlopen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fba34f350210ef2e1c8c2a4812554f36ce4aa99815d457cc288f8835e886e31c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fba34f350210ef2e1c8c2a4812554f36ce4aa99815d457cc288f8835e886e31c, en de alinea staat in dat document op bytes 15430 tot 15946.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/fba34f350210ef2e1c8c2a4812554f36ce4aa99815d457cc288f8835e886e31c | shasum -a 256