Citaat | Hoge Raad 12 september 1986
Alinea 31 Hoge Raad 12 september 1986
Een alinea uit Hoge Raad 12 september 1986, ECLI:NL:HR:1986:AC2628.
[eiser] , die sedert oktober 1974 bij [verweerster] in dienst was als chauffeur voor internationaal vrachtvervoer, is op zaterdag 1 mei 1982 met de door hem bestuurde vrachtauto aangekomen bij het bedrijf van [verweerster] te [vestigingsplaats] . De betreffende tocht was begonnen in Kruiningen, waar de auto was blijven staan, waarmee [eiser] naar Kruiningen was gekomen. [eiser] meende dat was afgesproken dat hij bij aankomst in [vestigingsplaats] door iemand van de zaak per auto naar Kruiningen zou worden gebracht. Ervan uitgaande dat die afspraak niet was nagekomen, heeft hij tegen de toen op het bedrijf in [vestigingsplaats] aanwezige [betrokkene 1] gezegd: ‘’Ik pak mijn zooitje je bekijkt het maar, en ik kom niet meer terug’’. Hij heeft daarop zijn bezittingen, ook die hij anders niet mee naar huis placht te nemen, uit zijn auto gehaald en is vertrokken. Vervolgens heeft [eiser] op maandag 3 en dinsdag 4 mei niets meer van zich laten horen. Bij aangetekende brief van dinsdag 4 mei heeft [verweerster] vervolgens aan [eiser] onder meer geschreven: ‘’Kennelijk stelt U geen prijs meer op het dienstverband en wij beschouwen dit dan ook met ingang van 3 mei 1982 als beëindigd’’.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/eef031b7057d2b1ae2eb827c35076039b8f2a7bd4427616863e7dd389a749d40. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt eef031b7057d2b1ae2eb827c35076039b8f2a7bd4427616863e7dd389a749d40, en de alinea staat in dat document op bytes 8661 tot 9894.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/eef031b7057d2b1ae2eb827c35076039b8f2a7bd4427616863e7dd389a749d40 | shasum -a 256