Citaat | Hoge Raad 13 juni 1986
Alinea 41 Hoge Raad 13 juni 1986
Een alinea uit Hoge Raad 13 juni 1986, ECLI:NL:HR:1986:AC3112.
3.2 Onderdeel a van middel I in het principale beroep richt zich met een motiveringsklacht tegen het oordeel, vervat in ’s Hofs achtste rechtsoverweging, dat [eiser 1] – van wie naar ’s Hofs oordeel als directeur van [C] verwacht mocht worden dat hij de debiteuren van deze voldoende kende om hun gegoedheid te kunnen beoordelen – [verweerster] heeft beschaamd in het door hem bij haar gewekte vertrouwen dat zij in het kader van de op 27 juli 1976 gesloten overeenkomst onder meer f. 80.000,-- zou ontvangen uit hoofde van de cessie van de vordering van dit bedrag door [C] .
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/855aba4b24a3a0a0140620a9c3c88f3b6039dc48cd5257a123b2109999b21965. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 855aba4b24a3a0a0140620a9c3c88f3b6039dc48cd5257a123b2109999b21965, en de alinea staat in dat document op bytes 11623 tot 12259.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/855aba4b24a3a0a0140620a9c3c88f3b6039dc48cd5257a123b2109999b21965 | shasum -a 256